Faust

Leestijd: 2 minuten

Een anekdote over ‘zich verbijten van woede’

Een slimme zet helpt slechts voor ééne maal; wat springstok is geweest wordt hinderpaal

 

Tekst Kicking Bird Robison: RobD, Uw Gastschrijver

Het chagrijn

Ik word in het nauw gedreven door mijn klussende buurman. Hij wil vandaag in plaats van morgen, waarop we een afspraak hebben, gaan klussen.

Mijn agenda strookt niet met zijn agenda.

Ik kan anderhalf uur meehelpen. De rest moet wachten… Het pakket dat ik vandaag moet versturen, ga ik zo dadelijk bij een PostNL servicepunt afgeven.

Op de parkeerplaats aangekomen, verlaat mijn vrouw als eerste de auto. Ik wacht nog even alvorens ik de winkel in ga.

Als ik uitstap stoot mijn deur tegen de stootstrip van een Peugeot cabrio. De dikke trijn, die tussen haar benen een keeshondje in bedwang houdt, valt hard uit alsof er een ontlading van 400.000 Volt geaard moet worden. Iemand die gewend is om een man met een afjacht te ezelen. Oh, jee een dame met een Electra-complex. Even oppassen dus. In plaats van mijn excuus in 1000-fout aan te bieden, zeg ik: “Ja, ik zie het, onherstelbaar!”

De rubberen strip op de deur heeft het minuscule tikje geïncasseerd. ‘Mevrouw’ trekt een gezicht alsof ze een koppie slappe thee in haar gezicht gesmeten krijgt.

Zij kwam aan scheuren en parkeerde haar autootje strak naast mijn wagen. Ik probeer me met 25cm ruimte, uit de auto te wurmen. Moet jij eens proberen om via deze nis uit te stappen. Trien trul, denk ik. Aan de bestuurderszijde van haar autootje heeft ze anderhalve meter ruimte gehouden om zichzelf te kunnen bevrijden.

Ze springt haar auto uit en begint omstandig het kenteken van mijn auto te fotograferen. Ik lach vriendelijk in haar richting. Zo ben ik opgevoed als je in een camera moet kijken.

Ik loop de winkel in en kan nog net het laatste verplichte winkelmandje pakken om de winkel met mondkapje te mogen betreden. Deze te dikke dame met haar te grote zonnebril trekt een nog vervelender gezicht in mijn richting.

Zo heb ik ze het liefste, bedenk ik me nu. Een prooi op stoot afstand. Ik wil iets aardigs tegen haar zeggen, maar ze blaft dat ze haast heeft. Daar hebben meer mensen last van, denk ik. In de ene hand heb ik het pakket met het modem dat mijn provider van het internet graag retour wil na de ontvangst van een nieuw modem en in de andere hand het verplichte winkelmandje.

Ik ben de 10e klant voor het digibord. Ik zeg: “Je zult nog even moeten wachten. Gewoon achteraan sluiten!” Ze verdwijnt tussen een rek met maandverband en de inlever box voor lege batterijen spoorslags de winkel in.

Iets verderop in de winkel hoor ik een klant schreeuwen. Er vindt nog een aanvaring plaats. Ze loopt zonder het in de gaten te hebben tegen de looprichting van de winkel richting in. Daar stuit ze op een goede vriend van mij. Zijn bijnaam is ‘de Adelaar’. Die is niet mals.

Ze heeft dubbel pech vandaag, verkeerde plek, verkeerde zaak, verkeerde ezel.

Einde—

Geef een reactie