Ingreepje

Leestijd: 3 minuten

Een anekdote over dissonantie

 

De beste dokter is diegene die

je haastig gaat halen en

niet kunt vinden

 

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver

Cloaca

 

De afspraak met Dr. Professor Konterfoort staat al enige tijd vast.

Ik zit op een tegenberichtje te wachten of een en ander nog wel doorgaat.

Ik krijg te horen dat ik door moet zetten.

Zo gezegd, zo gedaan. Na een vlotte autorit meld ik me bij de receptie van het ziekenhuis.

Als  een op hol geslagen telex begint de receptioniste tegen me te ratelen.

Ik probeer haar zender op een lagere, hoorbare frequentie te zetten.

Met een ferme klap (figuurlijke) zet ik haar terug in haar uitgangspositie.

‘Codicille Dundee had er wel raad mee geweten’

De receptioniste begint te spartelen. Daar zijn ‘stootvogels’ zoals ik gek op.

Uiteindelijk word ik met wilde gebaren van dit mens naar de lift verwezen om het op de 1e verdieping maar verder uit te zoeken. Voor ‘blindgangers’ in dit ziekenhuis zijn er bijna geen aanwijzingen te vinden om op de plaats van bestemming te komen. Ik moet naar de poli chirurgie voor een kleine ingreep.

Als ik de lift uitstap, loop ik direct in de fuik van de hoofdzuster. Ze sommeert me direct de afdeling te verlaten. Ik ontwaar een bordje poli-chirurgie achter haar rug met de naam van de Professor. Bingo!

Ik protesteer tegen de zuster dat ik geen wijs word uit de routekaart die ik beneden van de receptioniste gekregen heb. Bovendien ben ik ruim op tijd van huis vertrokken en heb om 11.10 uur een afspraak met Konterfoort! Als bij toverslag verandert de (ver)houding van de hoofdzuster. Die Professor moet wel een heel knappe kerel zijn, bedenk ik me.

Toen ik de lift uitstapte had, het er alle schijn van dat ik op het juiste adres was. “Waar zijn hier die ‘Milka’ pijlen gebleven?”, zo vraag ik u.

De hoofdzuster excuseert zich voor haar onbeholpen respons. Ze vertelt dat ik aan de verkeerde zijde van de lift ben uitgestapt. “Dank-u-wel”, dat klinkt al beter dan de receptioniste van beneden aller pijl(en).

Het ganzenborden is nog niet voorbij… Ik beland aan het eind van de tegenoverliggende gang in de put van de ‘Polikliniek voor OOG-heelkunde!’. Doorgaans herken ik een prooi al op een kilometer afstand. Deze keer moet ik weer een beurt overslaan. Ik word ingehaald door twee bezoekers die ook op zoek naar de bestemming van hun afspraak. Zij mankeren ook niets aan hun ogen en druipen af.

Die dokter professor Konterfoort moet wel een hele goeie dokter zijn. Die zijn doorgaans moeilijk te vinden. Ik voel aan mijn water dat ik in de buurt van mijn afspraak ben.

Wat is het warm met zo’n neusmasker op! De ringen om mijn poten beginnen op te spelen. Eerst maar een slokje water dat ik van huis heb meegebracht. De ruif in de kantine is dicht dus knaag ik een beetje aan een Sultana om te kalmeren. Ik probeer weer in het natuurlijke ritme te raken en zweef even in gedachte over de boomtoppen die ik door het raam in het ziekenhuis ontwaar.

Ik hoor in de gang wat opgewonden gekwetter uit een van de kantoortjes die ik passeer. De zustertjes hebben het over meerdere ‘flirtten’ die ze met de dokter professor uitwisselen.

Als een verdwaald luistervinkje val ik hun kantoortje binnen en zeg; “Help ik ben verdwaald!” Als door een wesp gestoken veranderen de twee zustertjes in een arrestatieteam en word ik hun kantoor uit gekegeld. Dit móet wel het juiste adres zijn, bedenk ik me.

Nu krijg ik eindelijk medewerking van het ziekenhuispersoneel. Het is inmiddels 11.00 uur en de tijd begint te dringen. Ik heb me ruim een half uur mogen vermaken in dit ondoorzichtige Ziekenhuis.

De hulp aan de cloaca verloopt deskundig en snel. Zijn assistente doet het met hem uiterst voorbeeldig en is uiterst behulpzaam zolang de dokter in de buurt is. Ik ben blij als ze eindelijk het gordijn van de operatiekamer openschuift en ik door een spleet het ziekenhuis weer mag verlaten.

Buiten zoek ik mijn vrouw. Ik haal haar uit de piepzak met goede berichten. Weldra zijn we weer op het oude nest aangeland en vinden we weer ons ritme terug, zoals het ons het beste past. Ver weg van alle dissonantie en stoorzenders.

Het gaat jullie allen goed!

 

 —Einde—