Stairway to heaven

Leestijd: 5 minuten

Een anekdote over de hond van de familie Cooper

 

 

Dieren zijn zulke prettige vrienden;

Zij stellen geen vragen,

Zij maken geen aanmerkingen

 

 

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

Johnnie & Alice in wonderland

 

Zwitserland,  July 2020. Ik teken dit verhaal op uit de m(h)ond van een bevriend stel. Boudewijn en Britt Cooper. Zij stonden aan het bed van vele zieke mensen tijdens de uitbraak van de Corona pandemie.

Na maanden van continue diensten, waren zij ook toe aan een korte ‘break-out’. De Zwitserse berglucht zou hen goed doen.

Na een voorspoedige reis met hun auto via Duitsland werd het laatste stukje met een autoslaaptrein afgelegd. Omdat ik, bij deze gelegenheid ‘Peter & Heidi’ al enige tijd niet meer had gezien, appte ik: “Waar is B&B?” Via mijn Whatsapp ontving ik bijna direct de mooiste panorama foto’s van het Zwitserse hooggebergte.

Bij hoge uitzondering mochten de honden Johnnie & Alice ook mee op hun trip. Hun huisdieren waren volgens de website van het Zwitserse Gasthof  ‘Oldenhof’ ook van harte welkom.

Boudewijn appte dat de vakantie er inmiddels al bijna weer op zat. We spraken af dat we elkaar een paar dagen na hun thuiskomst, tijdens de uitlaatrondjes met de honden, wel zouden zien.

Er volgden geen verdere berichten. Toch had ik een unheimisch gevoel bij de verlate thuiskomst van deze vrienden. Een week later dan verwacht, kwam ik Boudewijn samen met zijn hondjes, tijdens een laatste uitlaatronde tegen. De brutaalste van de twee ‘berggeiten’ genaamd ‘Johnnie’ sprong tegen mij op. En als bij toverslag verdween hij uit ons zicht.

Ik bedankte Boudewijn voor de mooie foto’s die hij mij gestuurd had. Ik snapte wel dat hij er nog er een weekje aangeplakt had. Wat een prachtig land! Maar dat hij een weekje langer was gebleven, had een andere ‘nood’zaak. Zonder dralen vertelde hij de hele geschiedenis rond het Zwitserse avontuur.

Boudewijn en Britt zijn meer “zee & strand” types. De ABC eilanden lieten ze voor een keertje links liggen. Het Gasthof-Oldenhof waar ze verbleven, was bij uitstek een mooie uitvalbasis voor bergtochten. Ook voor ongeoefende wandelaars als zij, viel er wel iets te beleven.

Terwijl ik met Boudewijn sta te praten zie ik Sky met Johnnie voorbij racen en kan nog net opzij springen…

Ze hadden besloten hun derde vakantiedag aan een bergwandeltochtje op te offeren dat loopt van ‘Gibidum nach Oberried’.  Deze Stairway to heaven in omgekeerde volgorde moest gemakkelijk te doen zijn.

Ze werden al voor ze in de gondel zaten, getild. Aan de P(k)as van de Knekelbrucken. Ze dragen netjes hun Zwitserse franken af en worden daarbij aangeslagen voor het gebruik van de Zwitserse zwaartekracht. “Prosit!”

Ik zeg tegen Boudewijn: “Als je in Genève een bakkie koffie bestelt dan betaal je zelfs een toeslag voor het gebruik van hun servies! Dat is de Zwitserse af-Room-service.”

Op 2800 meter hoogte beginnen ze aan hun afdaling naar 1800 meter. Volgens ‘das Faltblatt’ ist es 2½ Stunden klettern voor geoefenden. Als je tenminste de ‘Milka pijlen’ volgt.

Boudewijn laat een selfie van voor hun vertrek zien. Britt op haar gympjes en hij op zijn Zwitserse s(ch)andalen. Het valt me op dat ze beiden lekker luchtig gekleed zijn. De temperaturen zullen in het dal alleen maar beter worden. Het is maar hoe je dat bekijkt. Voorzien van een kruikje koffie en vergezeld door hun hondjes Johnnie & Alice gaan ze op pad.

Boven op de Alp is het prachtig weer. Ze voelen zich monter en sterk. De hondjes dartelen als gemsjes voor hen uit. Alsof het een uitlaatrondje betreft. Naarmate ze langer onderweg zijn, worden de paden grimmiger. Ze moeten langs steile wanden en kronkelige smalle paadjes. Langs touwen slagen ze erin hun weg te vervolgen.

De omgeving is desalniettemin fabelachtig! Ze belandden na 2 uur op een ‘Milka’ achtige alm ver van de bewoonde wereld.

“Hier zou ik wel voor altijd wel willen blijven!”, jodelt Boudewijn. Johnnie is het roerend met zijn baasje eens!’

Gezamenlijk nemen ze een rustpauze en liggen al kauwend op een grassprietje  uitgestrekt in het gras. Mini verliest haar baasje nooit uit het oog. Johnnie daarentegen is onder een ander gesternte geboren en is hevig onder de indruk van zijn nieuwe habitat. Er valt nog wel iets meer te ontdekken!

Als de zon over haar hoogste punt heen is, schiet ze als een vallende ster het derde kwadrant in. De afdaling duldt geen verder oponthoud.

Als de zon achter de witte wolken verdwijnt en het frisser begint te worden, willen ze hun tocht voortzetten. Na de verkwikkende onderbreking geven ze hun honden een teken voor vertrek. Een ‘kefje’ van Johnnie blijft uit.

Waar is die Dommie nou? vraagt Britt zich af. Er volgt een zoektocht van ruim anderhalf uur door berg en dal. Ze zijn zelfs een half uur terug omhoog geklauterd. Zonder resultaat. Alleen wat oppervlakkige schaafwonden. Ze beseffen dat ze in een machtige omgeving vol gevaren zitten. Wat ook weer zo zijn charme heeft. Ik spring, terwijl ik naar het hulpgeroep van Boudewijn luister, over een boomstammetje heen. Hierbij overbrug ik zonder toeslag en tegen alle regels in het convenant van anderhalve meter. Hoe heb je het volgehouden, bedenk ik me. De ellende begint nu pas echt vorm te krijgen.

Ze zoeken die avond nog door tot zonsondergang. Om nou de nacht op die kale berg (z)onder (sterrenhemel)bed te moeten doorbrengen ziet Britt niet zitten. Ze hebben geen idee of ze de juiste weg be(rg)wandelen. Het zonnetje heeft plaatsgemaakt voor weerlicht en gerommel. De weersomslag zet in. Ze wordt bijgestaan door de waterlanders van Britt.

Als Britt meerdere keren onderuitgegleden is, valt ook de avond in.  Eindelijk bereiken ze hun basiskamp. Beiden zijn wel wat gewend maar voelen zich door de vermissing van Johnnie behoorlijk afgestompt.

Als de logeerpartij van Boudewijn en Britt ten einde loopt moeten ze op zoek naar een nieuw B&B adres. Ze brengen de komende 4 nachten in een jeugdherberg door. Met alleen wat basisvoorzieningen moeten ze zich zien te redden.

Vanuit de jeugdherberg probeert Boudewijn een reddingsoperatie voor hun vermiste viervoeter te organiseren. Hij benadert paragliders om uit te kijken naar hun hond. Het Zwitserse ‘Pet’-Alert maakt die zelfde avond nog de verdwijning van Johnnie wereldkundig:

 

Aufruf an der Oberwallis: Entlaufen im Riederwald am 9, juli 2020.

Vermisst wird der 4 jahrige Johnnie, rotbraun, entlaufen um ca. 18 Uhr auf der Strecke Gibidum-Staumauer-Knebelbrucken-Oberried.

Hundenhalter Boudewijn Cooper, Holland.

Normaliter kan Boudewijn op zijn werk over een trauma helikopter beschikken. De Zwitserse collega’s willen niet aan de verhuur van zo’n wentelwiek  meewerken. Het enige wat het volgens hen zou kunnen opleveren is een mooie rondvlucht over de Gletsjers. Wat hij wel met zekerheid tegemoet zou kunnen zien, is een torenhoge rekening namens de reddingsbrigade, inclusief de toeslag voor het gebruik van het Zwitserse luchtruim. Om deze gordiaanse knoop te ontwarren is zelfs het Zwitsers zakmes van Boudewijn niet genoeg.

Boudewijn koos voor een effectievere oplossing: “Men neme één pak hondenkoekjes. Waar Johnnie is, vind je frölic-(h) en Waar Frolic is, vind je Johnnie. Voeg daar repen geknipt uit stroken bezweet T-shirt aan toe. Meng dit tezamen. Zet  vervolgens een spoor uit vanaf het verdwijnpunt in de richting  das Ziel”. De ‘Path’ vinderij uit Boudewijns  jeugd begint zich eindelijk uit te betalen. Onder begeleiding van een Zwitserse ‘berggeit’ brengen ze een spoorlijntje aan voor de speurneus Johnnie.

Nu was het maar afwachten wat het zou opleveren. Er verstrijken nog eens 24 uren van onzekerheid. Ze ontvangen tussentijds diverse telefoontjes. Maar zonder resultaat. Op de derde zoek dag worden ze door de uitbater van ‘Der Oldenhof’ angerufen. Johnnie zit warlich in hun keuken! Volledig uitgedroogd en uitgeput zit hij te jammeren.

Overkomst van zijn ‘baasjes’ is dringend gewenst! Binnen 5 minuten zijn Boudewijn en Britt ter plaatste en wordt Johnnie met zijn baasjes herenigd.

De volgende dag opent ‘Het Zwitsers Städtsblatt’ met een scoop

over ‘Peter en Heidi’ groots uit…

“Die verschwindung von der Hund genammt:

 ‘Johnnie Cooper’

 Wurde auf einen frölic-es handlungsweise Entlöst!

 

 

 Ende—