Nieuwjaarsdag

Leestijd: 2 minuten

Een anekdote over 2 feestgangers

 

Zonder vriendschap

Is het leven niets

 

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

 

Bezoekje

Het is 10 uur in de ochtend. Ik zie op de beveiligingscamera dat er twee feestmutsjes voor ons hek staan te dansen. Daar komen de schuilkinderen, roep ik tegen mijn vrouw. Ik heb me net geïnstalleerd om via de Oostenrijkse omroep het eerste concert van het jaar tot me te nemen. Een fijne traditie dat snel zal veranderen. Ik probeer het orkest nog te stoppen, maar daar kunnen ze niet aan beginnen!

Mijn aandacht wordt door de buurjongens gevangen. Het kleinste buurjochie heeft een schoteltje met daarop 2 appelflappen bij zich. De oudste draagt een vuurwerkbril. In zijn hand houdt hij een afgebrand sterretje stevig vast. Boven op hun kop hebben ze allebei een verfrommeld hoedje met 2020 erop.  Op zo’n moment ontbreekt het me aan de snelheid van een fotograaf om dit vast te leggen.

Mijn vrouw wordt allervriendelijkst begroet. Ik krijg een stomp als begroeting. Het huis is nog in de kerstsfeer. De jongens kijken vol bewondering naar mijn kerstboom. “Hoe lang brandt ie?”, vraagt de jongste. “Als ik hem van onderen af aansteek, 1 minuutje”, brandwacht ik. “Hoe is jullie jaarwisseling verlopen?”, vraag ik. De oudste valt als een orkestlid in en roept: “Ik had 2 oliebollen op en mijn broer 1!” “Hoe ging het met je vader?”, vraag ik. “Die sliep!”, zegt de kleinste draak. “En je moeder dan?”, verhoor ik verder. “Die was druk en dronken, zoals altijd”, biecht de oudste perpetuum mobile op. Deze met springzaad verwekte kinderen stuiteren door de kamer. Mijn vrouw heeft wat kerstbrood voor ze gesmeerd. De jongens gooien er direct een lawine poedersuiker overheen en laten het zich goed smaken.

Opeens vraagt de jongste met volle mond, wat ik in mijn handen houd. Ik houd mijn handen bol in de lucht. “Dat is het nieuwe jaar!” Hij spreidt zijn ogen wijd open en tuit zijn lippen. “Echt waar?! Laat eens zien”, zegt hij. ‘Het’ kan nog niet kijken want ‘het’ heeft nog geen oogjes”, zeg ik. “Maar je mag wel door mijn vingers gluren!” Hij tuurt ogenschijnlijk tussen mijn vingers door. “Ik zie niets!”, zegt hij. “Goed kijken hoor. Het is pas 1 dag oud. Het zal nog heel klein zijn”, zeg ik. “Wil jij het hebben?”, vraag ik hem. Nou dat wil hij wel. Hij vindt het reuze interessant.

Ik draag het nieuwe jaar over op het jongste buurjongetje. De oudste schudt meewarig zijn hoofd en zegt: “Dat kan toch niet!” Ik zeg tegen beide kinderen: “Je zal het zien!” “Stop het maar in je broekzak. Af en toe wat water en lucht erbij en je zal meemaken dat het nieuwjaar steeds een dagje ouder wordt.”

Ik schenk mezelf nog wat overgebleven champagne in en zeg:

“Gelukkig Nieuwjaar!”

Einde—