Ziek zijn is geen pretje met het UWV

Op het adres Wognumsebuurt 2 in Alkmaar is één van de UWV-kantoren gevestigd. Voor de ingang staan betonnen palen om te voorkomen dat iemand met een auto naar binnenrijdt, het is immers al een keer gebeurd. Bij de balie word je opgewacht door vriendelijke bewakers van een commerciële veiligheidsdienst. Na paspoortcontrole word je als bezoeker door poortjes verwezen naar de wachtkamer, welke momenteel verbouwd wordt. En dan begint de spanning voor hen die bij het UWV moeten zijn.

Aan lange tafels zitten mensen ongemakkelijk te wachten met hun documenten en medicatie voor het gesprek dat zij krijgen met een keuringsarts of arbeidsdeskundige. Sommige wachtenden doden de tijd met het lezen van een krant of de laatste berichten op de smartphone. En als dan de deur weer opengaat van de wachtkamer roept een UWV-medewerker de naam van één van de aanwezigen. Je wordt welkom geheten en dan volg je de UWV’er. De één neemt je met de lift mee en de ander gaat via de trap naar boven. Een trucje? Jazeker, want degene die slecht ter been is moet al meteen aangeven van de lift gebruik te maken. In lange gangen zet de UWV’er de pas er in en jij sjokt hier in eigen tempo achteraan.

In de spreekkamer van de keuringsarts neem je plaats aan het bureau. De arts tuurt naar het scherm van de computer en vraagt naar de gegevens van de ‘cliënt’ en de eventuele begeleider. Standaard is de vraag hoe het met de betrokkene gaat. De meesten zijn bijdehand genoeg om te antwoorden dat het niet goed gaat. Anderen klappen dicht en laten het vragenvuur van de keuringsarts op zich afkomen. Gegarandeerd dat er geïnformeerd wordt naar de dagindeling en als het niet duidelijk genoeg is krijg je een soortgelijke vraag tien minuten later nog een keer. Artsenbezoeken, therapieën, onderzoeken, operaties, medicatie, privéleven noem het maar op, alles komt voorbij. Niet altijd blijft het alleen bij vragen, ook lichamelijk onderzoek kan volgen.

Aan het einde van zo’n bezoek dekt de keuringsarts zich in met de mededeling dat hij of zij niet gaat over het afschattingsbeleid en meldt dan dat je nog een keer moet komen naar het UWV maar dan bij de arbeidsdeskundige die het oordeel vertelt en deze gesprekken vinden doorgaans beneden naast de wachtkamer plaats. Een van de meest recente gevallen die echt schrijnend is betreft een 64-jarige man die 45 jaar dezelfde werkgever heeft gediend. De man werd ziek (burn-out) en naar later bleek had hij ook kanker. Na chemokuren en een operatie kreeg hij van de arbeidsdeskundige te horen dat meneer nog wel twintig uur kan werken tot aan zijn pensioen op 67-jarige leeftijd als plantenverdeler. Zoiets verzin je toch niet? En dan is het UWV-antwoord dat deze uitslag uit de computer komt rollen. Tja, na zo’n moment rest nog in verweer gaan middels een hoorzitting.

Tips zijn: neem altijd iemand mee ga nooit alleen naar het UWV immers twee horen meer dan één, het liefst met een onafhankelijk iemand; en bij verweer neem een jurist in de armen. Opvallend is namelijk dat vooral vijftigplussers minder dan 35 procent worden afgekeurd en dat betekent nul euro onderaan de streep. Ook jongeren die bijvoorbeeld een Wajonguitkering ontvangen hebben het niet makkelijk. Sowieso is de stelling dat mensen makkelijk een uitkering krijgen een regelrechte fabel. De arbeidsongeschikten die ‘geen’ uitkering ontvangen wil je niet graag de kost geven, want dat zijn er echt veel of je moet in de ook al niet zaligmakende Bijstand belanden met sollicitatieplicht en dergelijke, tweeverdieners zijn in dit geval de grootste slachtoffers van het systeem.

Al met al ziek zijn is geen pretje. Zeker niet met keuringen en het oordeel van het UWV. Velen zullen helaas deze gang nog moeten maken.

Willem Croese

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *