Vogelvlucht

Een anekdote over een ‘klein paradijs’

‘De Dwazen, de Boeren en de Wilden,

achten zich veel hoger boven de

Dieren, verheven dan de Wijsgeren’

 

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

 Een gevleugelde kreet van mijn Zuid-Afrikaans nichtje is: “Ze kennen der lui plaats nie.” Mijn nichtje Beppie is een afgeleide van ons jeugdidool

Pippi Langkous: Altijd twee verschillende kleuren panty’s aan, sproeten in het gezicht en twee enorme kastanje kleurige paardenstaarten. Ze is oersterk en héél gastvrij. Zij woont op het landgoed den Treek in villa ‘De Zoete Inval’ aan de oostkant van het dorp.

Het is alom een beestenboel bij mijn nichtje Beppie. Op deze hoeve hebben alle dieren iets speciaals. Ze geeft ze allemaal van een eigen ‘plekkie’. Hiermee is een basis gelegd voor de mooiste ontmoetingen met haar dieren. Ik wil vanaf hier enkele aandoenlijke zaken vertellen.

Een keer per week komt ganzen hoedster Diaantje, het buurmeisje, met een koppeltje ganzen op bezoek, om haar steentje bij te dragen aan de verzorging van de dieren op het landgoed. Beppie had onlangs nog van de ‘postman’ gehoord dat Diaantje gezinsuitbreiding heeft gekregen. Daar komt net het spektakelstuk aangewaggeld.

Achter de ganzen ziet Beppie, naast Diaantje, een klein koppie heen en weer dansen. “Zie ik dat goed,” roept Beppie. “Is dat een struisvogel?” Als het om dieren gaat is ze altijd meteen enthousiast. “Komt ze logeren?” “Als jij haar een plekkie geeft dan mag jij haar hebben,” zegt Diaantje. Beppie is het direct eens met dit voorstel. “Ik ga meteen met Vaisja overleggen of ze bij hem in de bak mag,” en weg is Beppie. Vaisja is een witte, volbloed, Arabische hengst. Dit paard heeft hier een beter leven gekregen nadat het werd afgedankt door Karel. Hij kon er geen land mee bezeilen. Hij wilde het paard naar de slager te brengen.

Dat ging Beppie véél te ver. Dus heeft Karel het paard hier achter gelaten. “Wij vonden het een zo’n treurige geschiedenis, dat wij de hengst meteen opgenomen hebben,” vult Diaantje aan. We zien de struisvogel achter de hengst aan rondjes rennen in de bak. Beppie komt weer binnen en zegt: “Dat komt helemaal goed!”

Tegen twaalf uur lopen we de keuken in. “Willen jullie wat eten?” Zegt Beppie. We zitten gezellig aan tafel brood te eten, komen er twee eenden door het kattenluik naar binnen. Ze springen op de tafel en beginnen van het brood te eten, dat op mijn bord ligt.

Ja,” zegt Beppie, er is de laatste tijd veel veranderd in het bos. Ik had vroeger veel meer hagedissen, salamanders en ringslangen om het huis. Maar door de aanhoudende regen hebben wij in het bos een vijver vol met eenden, kikkers en vissen gekregen. De eenden hebben nu ook de weg gevonden naar mijn kattenluik. Ze komen af en toe een stukje droog brood bedelen.

We ruimen de borden weer af. Ik wil naar buiten lopen maar blijf in de deuropening steken. “Kijk uit voor Kliko,” roept Beppie. Voor de deur ligt een enorm zwart hangbuikzwijn op zijn zijde mij aan te kijken. “Ik loop zo even een blokje om, dat vindt hij leuk,” zegt Beppie. Ik stap over ‘Kliko’ heen.

Ik loop naar de stal. De staldeuren staan op een kier. Ik zie een aantal mussen in en uit vliegen. “Let op die jonge vogels,” zegt Beppie. Woutje, het vriendinnetje van Diaantje, heeft een aantal mussen hand tam gemaakt. De Mechelse herder, Kayra, draait rondjes om mijn benen. In mijn ooghoek zie ik een prachtige pauw bovenop op het dak van de deel staan. Hij staat in de zon, met zijn mooie veren, te pronken. Ondertussen schreeuwt hij met zijn prachtige falsetstem.

Op dat zelfde moment wil er een mus de stal in vliegen. Als het musje ter hoogte van mijn schouders vliegt, springt Kayra, als een duveltje uit een doosje, omhoog en plukt de vogel, met een klap als die van een kaaiman, uit de lucht… ‘dood’.

De waterlanders waren van korte duur, want er diende zich al weer nieuw leven aan. Langs de heg zagen we een grote groep kuikentjes rennen. Moeder kip rent als een kleuterleidster voorop. De kip had de laatste tijd haar eieren onder de heg weten te verstoppen. Het hele spul verdwijnt onder een struik naast de waterput.

Aan het einde van de heg staat een volière in de vorm van een theekoepel. In de volière zit een roze kaketoe te fluiten. “Dat is Lorre,” zegt Diaantje. Als ik in zijn zichtveld kom, begint hij deurbel geluiden te maken en roept tussendoor: “Volluk of Goedemiddag.” “In de sinterklaastijd kan hij zelfs: “Zie ginds komt de stoomboot zingen!”

Nadat bakker Veenendaal vorig jaar weduwnaar was geworden, was hij ineens met de noorderzon vertrokken. We vonden een afscheidsbrief van hem in de bakkerij. Hij schreef dat hij op zoek ging naar zichzelf en dat de kaketoe naar Beppie gebracht moest worden. “Wat ‘die vogel’ allemaal heeft meegemaakt!” zegt Diaantje. Lorre roept: “Anders nog iets?” “Als Lorre het zou kunnen, dan zou hij het je allemaal vertellen.”

We krijgen een kopje brandnetelthee van Beppie. We zitten daarbij aan een enorme tafel. “Die tafel is gemaakt van een boom, die nog bij mijn overgrootvader in Afrika heeft gestaan. Mijn familie kent vele houtvesters. Hoe heet dat bij jullie? Ik bedoel:“Hoe noemen jullie dat?” corrigeert Beppie zichzelf. Ik zeg: ”Boswachter?”

Beppie vertelt: ”Ik vond vroeger het geluid van een bijl, tijdens het omhakken van een boom geweldig klinken. Dat kap geluid draagt heel ver, in een rustige bos. Ook een enkel schot tijdens de jacht hoorde thuis in het decor van het woud. Maar onlangs heb ik een vogel meegemaakt, die door zijn omgeving volledig overspannen is geworden.”

De imitatievogel of liervogel, zoals deze vogel heet, maakte voortdurend het geluid van een kettingzaag of van andere machinerieën. Alsof de wereld op zijn kop stond. “Het is dat een reis naar Australië niet in een dag te doen is, anders zou ik die houtvesters tot inkeer proberen te brengen.”

Maar als het waar is, dat de bossen in hoog tempo verziekt worden: Dan zal er dikke shit ontstaan, Neem dat maar van mij aan!”

 We zitten nog een aantal uren te kletsen. Ik kijk op mijn horloge en zeg dat ik moet gaan. Ik drink mijn thee uit. We nemen afscheid van elkaar. Ik vertrek weer met de benenwagen huiswaarts.

Einde—