Een anekdote over het najaar

Leestijd: 2 minuten

 

‘De mensen vermoeien

zichzelf door

de rust na te

jagen’

 

De stem van de natuur

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

 Als ik in het bos tussen de paddenstoelen loop, hoor ik in de verte de trommel van Koning winter zachtjes naderbij komen.

Als ik bijna mijn hoofd aan een tak stoot, daalt er opeens voor mijn neus een hele mooie spin, aan zijn glinsterende draad, tot ooghoogte naar beneden.

Het DNA van mijn oog is nog niet gemodificeerd. Ik kan het nog niet als een camera gebruiken. Ik moet het doen met de middelen die ik heb. Ik bekijk de spin. Op zijn rug draagt het een felrood rugzakje met daarop een wit kruis. Zo mooi als het daalde, schiet de spin nu weer de boom in. Prachtig!

Dat spinnenrugzakje zit natuurlijk vol frustraties. Onlangs hebben ze in minder dan een maand 1000 bomen gekapt. Alle exoten zijn uit het bos verdwenen. Zoals onder andere de Amerikaanse eik. Dit soort is heel goed bestand tegen inheemse ziekten. Maar minder goed bestand tegen de zaag van de houtvester.

De inheemse bomen zijn echter gespaard gebleven. Deze worden langzamerhand door de processie rups opgegeten. Deze methode is toch ook veel natuurlijker dan een zaag?

Ik ga over een smal dennenpad naar het open veld waar ooit majestueuze bomen stonden te wuiven. Ik zou nog wel met terug werkende kracht terug willen wuiven. Ze zullen wel tot houtpulp vermalen worden om er krantenpapier van te maken. Ik begrijp dat bomen schadelijk zijn voor ‘het doorgaande verkeer’. Maar een dergelijke papieren krant moet nu toch gewoon over de digitale snelweg verstuurd worden! Wat nou milieubewust.

Links van mij zie ik een groep van drie herten het tegenoverliggende dennenbos in rennen. De hond geeft een ruk aan de riem maar het lieve diertie houd ik rustig naast me.

Het bos is bezig vrucht te leveren. Bij ieder zuchtje wind regent het eikels. De korstmossen en schimmels staan er door de warmte en vochtigheid prachtig bij.

Op het open stukje heide kruis ik al wandelend een amazone op haar merrie. Ze stapt met haar paard over de in bloei staande heide. Een prachtig gezicht.

De hond heeft meer aandacht voor de krijsende stootvogels die vanuit een hoge boom op wat klein wild loeren. Allerlei dieren zijn bezig om hun wintervoorraad op orde te brengen. Rond de kastanje- en notenboom is het een drukte van belang voor de familie eekhoorn.

Een enkele keer tref ik een wandelaar. Deze gesprekken lossen zich snel op in de mist. Ondanks dat mijn generatie in de herfst van haar jeugd zit, valt er nog genoeg op mijn bord. Als dat dan de vruchten van mijn bestaan zijn dan vind ik het prima. Als ik ons huis nader dan zie ik dat de kat door het beslagen raam naar buiten zit te staren. Deze houding zal ze tot het voorjaar aanhouden.

Morgen maar weer eens afspreken met het vogelvrouwtje. Eens beluisteren hoe ze de komende winter wil doorkomen. Ze is 106 jaar oud. Daar ben ik maar een pigempie bij.

Einde—