Meesterlijke biografie over Ry Cooder

Het levensverhaal van een beetje kunstenaar wordt opgetekend door een schrijver die op zijn beurt een biografie samenstelt of als ‘ghostwriter’ in de ik-vorm een boek maakt alsof het door de hoofdpersoon is geschreven. Maandelijks vind je dergelijke boeken in de top tien van zichzelf respecterende handelaren óf praatgrage publicisten bespreken in ‘talkshows’ hun werk, al met al belangstelling genoeg hiervoor. Tussen die overdaad aan biografieën ligt een opmerkelijk boek van Wouter Bulckaert met de titel ‘Ry Cooder – Meester in de schaduw‘. Een Belg die bijna vierhonderd pagina’s vertelt over een Amerikaanse gitaarvirtuoos die veel te danken heeft aan andermans muzikaal werk en zowel publiek als muzikanten op zijn beurt prachtige muziek heeft gegeven.

Wouter Bulckaert is ‘senior writer’ bij het onderwijsmagazine Klasse, daarnaast staat hij bekend als muziek- en boekenrecensent. Op zijn zestiende verjaardag kreeg Wouter van zijn tante Magda het boek ‘Enkele interviews’ geschreven door Marc Didden. Een van die vraaggesprekken was met Ry Cooder die volop verwees naar de Amerikaanse muziekgeschiedenis en dat is wat de jonge Wouter nieuwsgierig maakte. Hij luisterde naar de muziek van Cooder, ontdekte het ene na het andere juweeltje aan liedjes en hij las Ry’s verhalenbundel ‘Los Angeles Stories’.

Cooder-de-vertolker is Cooder-de-verteller geworden. Vreemd. Want hoe vervelt een virtuoze gitarist tot een auteur van kortverhalen? Ik begin te graven in ‘s mans muzikale geschiedenis. En ontdek dat Cooder altijd al een verteller is geweest. En het idee voor dit boek kruipt ongevraagd mijn hoofd in”, schrijft Bulckaert in zijn voorwoord. Hij is een bewonderaar die zijn idool nog nooit heeft gesproken maar hem artistiek enorm goed kent. Middels onderzoeken, lezen, luisteren en andere methodes is Wouter tot het verhaal gekomen dat hij heeft verpakt in het boek waarin absoluut geen fanjournalistiek bedreven wordt maar wel smaakvol en kundig schrijfwerk.

Bulckaert schrijft niet alles encyclopedisch van a tot en met z in chronologische volgorde geheel het verhaal van Ry Cooder. Nee, hij heeft het boek verdeeld in ‘vertolker; klankman; verkenner; klankbord; verteller en Cooderesk’. Ry Cooder (70) hoorde thuis in zijn jeugd veel muziek op 78 toeren platen van onder andere Josh White, Woody Guthrie en Leadbelly. De liederen van protestzangers waren politiek geladen, brachten mensen bijeen en dat in een gevoelige periode waarin Joseph McCarthy jacht maakte op communisten. Later schreef Cooder zijn eigen protestsongs.

Als vierjarig knaapje kreeg hij zijn eerste gitaar, een viersnarige Silvertone. Vijftien was Cooder toen Columbia Records kwam met ‘King Of The Delta Blues Singers’ van Robert Johnson en niet veel later hoorde hij het werk van Blind Willie Johnson. Zo ontstond de belangstelling voor slidegitaar. De eerste plaat die hij kocht was van John Lee Hooker en een platenleverancier maakte hem verder wegwijs in de folk- en bluesmuziek. Intussen speelde hij zelf in een lokale band, ging naar het eerste UCLA Folk Music Festival (1963) en zag/hoorde daar bluesmannen spelen zoals Skip James, Mississippi John Hurt, Sleepy John Estes .

Met de jonge Taj Mahal vormde Cooder de band ‘Rising Sons’ waarmee hij een plaat opnam die toen niet uitkwam. Ry werd een veelgevraagd sessiemuzikant en hij kreeg zelfs een contract voor onbepaalde duur bij platenlabel Warner Bros. De beroepsmuzikant was daar, bijna altijd in dienst van anderen. Maar ook zijn solo carrière is van belang, echte hits maakte hij niet. Zonder zijn muzikale ziel te verkopen speelde Ry met veel mensen op tientallen albums, zoals van Captain Beefheart, Randy Newman, John Hiatt, The Rolling Stones en zelfs de Nederlander Hans Theessink.

Uiteraard is het slidegitaarwerk bekend voor de film ‘Paris, Texas’ (1984) of de blues voor de film ‘Crossroads’. Wellicht is het werk met ‘Buena Vista Social Club’ het allerbekendste. Oude Cubaanse muzikanten liet hij schitteren op het gelijknamige album uit 1997. Keer op keer weet Cooder zijn bijdrage op een bescheiden manier te brengen en nooit trad en treedt hij uit die rol, wellicht maakt dat van hem een goed muzikant en vooral een sympathiek mens.

En wat nou zo knap is aan het boek, is dat Wouter Bulckaert met zijn vlotte schrijfstijl degelijk werk heeft afgeleverd waaruit het vakmanschap van Cooder blijkt en de liefde voor de Amerikaanse muziek voorop staat. De schrijver heeft mij wakker geschud met wat de meester in de schaduw allemaal heeft gedaan en gemaakt. Nu weer lekker luisteren naar de blues- en bluesy-albums van Cooder. O ja en het boek zal ik zeker herlezen. Top!

Willem Croese

Gepubliceerd: Back To The Roots

Geef een reactie