Cakewalk

Leestijd: 2 minuten

 

Een anekdote over een ‘begrafenisondernemer’

‘De klantenkring van de dood

 sterft niet uit.’

 

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

De man van de verzekering belt aan. Ik laat de man binnen. Hij is extreem mager. Hij stelt zich voor als Hein. Hij loopt voorovergebogen en gaat geheel in zwart gekleed. Ik kijk nog even snel om de hoek van de voordeur om te kijken of hij zijn zeis bij zich heeft.

De huiskamer zit vol visite. De man vertelt dat hij van de DELA is. Het doet bij mij nog geen belletje rinkelen. Dré Hazes zou zingen: “Het is de hoogste tijd, bedankt voor uw gezelligheid!” Het Fust is nog niet eens aangeslagen. Ik stel de man voor de keuze: “Het enig overgebleven zandgebakje of een plak cake!” Taart vindt hij een beproeving en gaat op safe met de cake. Het overige gebak is al door mijn springlevende familie verorberd.

Hij komt voor mijn vrouw terwijl hij zijn magere vingers met zijn puntige tong aflikt. Ik zeg dat het slachtoffer in de keuken zit en leeft. Hij is al 3 maal aan de deur geweest en wil het nu wel eens geregeld hebben. Doorgaans lees je dat alleen in sprookjes. De ‘dood’ kan wat mij betreft nog wel even wachten. Ik zeg dat mijn vrouw vandaag haar verjaardag viert, dus dat treft.

Ik vraag hem, of the record: “Is het mogelijk om op de waakvlam gecremeerd te worden? Dat scheelt volgens mij enorm in de premie! Als dat dan mogelijk is, kan ‘die’ De Nijs dan zijn hele oeuvre ten gehore kan brengen? Om daarna voorover in het Vagevuur te don…belanden?” Hij antwoordt met zijn grafstem. …Door de verjaardagsdrukte kan ik hem slecht verstaan… Mijn vrouw is in de hectiek naar boven gevlucht en geeft mij te kennen voorlopig nog niet dood te willen.

Daar kan ik me goed in vinden! Ik doe de man uitgeleide. We schrijden naar de voordeur. “Waar hebt u de lijkwagen staan?” vraag ik. “Die is bij de garage voor groot onderhoud. Ik ben met de koets,” zegt de man. “Leuke hobby een dergelijk koetsje. Wel een zwarte neem ik aan? Een gouden die vind ik wel wat opzichtig,” zeg ik. “Vindt U?” zegt de man. Ik heb hem bijna de voordeur uitgewerkt en zeg: “Ik heb er momenteel weinig tijd voor in dit ondermaanse, dat komt wel als ik dood ben! U ook nog een prettige bij… voortzetting.

Goedemiddag mijnheer.” Ik doe de deur dicht.

Een applaus steeg op uit de woonkamer. Het lied: “Lang zal ze leven” wordt ingezet zodra mijn vrouw zich weer in de woonkamer durft te vertonen. Op je verjaardag trakteer je doorgaans op koffie en een taartje. Maar als je cake in plaats van een taartje trakteert dan heb je het gedonder in de glazen.

De man van de DELA viel geen enkel moment uit zijn rol.

Enkele dagen later las ik in de krant dat de bovenste beste zodensteker was overleden.

Einde—