Winkel

Leestijd: 2 minuten

Een anekdote die ‘antwoord’ geeft op de ‘vraag’

‘Klant is Koning’

 

Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

Na de verbouwing van het huis is het stofferen aan de beurt. Bij de wooninrichter is er zoveel keuze dat er niet dadelijk een keuze gemaakt kan worden. De winkeleigenaar ‘John’ stelt voor om de stalen thuis te bekijken. Een hele stapel gordijnvitrage en vloerbedekkingstalen mogen mee naar huis. “Kunnen we jouw vrachtwagen even lenen?” vraag ik nog.

Er staat een keurige oude dame, over de door ons uitgekozen stalen, nogal geïrriteerd, mee te kijken. Ik zeg tegen mijn vrouw: “Strek je armen eens uit!” waarop ik ‘de stalen’, op de uitgestrekte armen van mijn vrouw, begin op te stapelen. “Ik zal zo de autodeur voor je openen dan kan je het zo op de achterbank leggen,” zeg ik er nog bij.

Draagt U niets?” merkt de keurige oude dame vinnig op. “Jawel,” antwoord ik. Terwijl ik naar mijn polstasje wijs. Onder de schoen van de oude dame komt een enorme stoomwolk vrij.

Als ik later buurman Joop, schoenmaker van beroep, over dit voorval vertel zegt hij: “Oh, gebrek aan onderhoud!” Kijk, daar is Joop nou weer specialist in

‘Stoomlocomotieven’

 

Een jaar later kom ik, voor de 6e maal in een week tijd, met een hoofdkussen onder mijn arm, de winkel van diezelfde woning inrichter in. Hij heeft zich al enige tijd gestort in het slaapgebeuren. Na veel nachten van uitproberen heb ik ten slotte dat ene ultieme kussen aangeschaft. Waarschijnlijk heeft oververmoeidheid de doorslag gegeven bij het maken van een keuze; om er maar vanaf te zijn.

Ik raak in gesprek met de eigenaar van de winkel. Het bevalt hem prima die nieuwe slaapwereld. Voorheen zat hij te wachten tot er iemand een of ander theemeubel kwam kopen. Maar sinds hij slaapspecialist is, wordt de deur door slapelozen platgelopen. “Figuren zoals ik,” merk ik op. “Ja, precies,” bevestigt hij. Ik suggereer hem om ook ’s nachts open te gaan.

Hij vertelt dat hij de meest bijzondere klanten in zijn winkel krijgt. Ik moedig hem aan om iets over een praktijkgeval te vertellen. Hij vertelt me wat hem laatst was overkomen: Een klant vertelt hem over haar slaapproblemen. De vrouw in het bezit van een enorme boezem vertelt dat ze altijd op haar buik wil slapen maar dit niet lukken wil en daardoor de slaap niet kan vatten. Waarop John tot zijn spijt moet bekennen niet voor alles een oplossing in huis te hebben. Hij zegt haar toe erover na te zullen denken. De klant verlaat onverrichterzake de winkel

Ik zeg tegen John dat ik minstens 2 oplossingen weet: “Schrijf een verwijsbriefje voor een borstverkleining.” “Iedere betere bouwmarkt kan hierin adviseren of plaats het matras verticaal in de slaapkamer daarmee ontloopt ze de zwaartekracht, en als je slaapwandelt hoef je ook niet het hele huis door.” Ik zeg nog om hem te overtuigen: ”Heb jij ooit paarden liggend zien slapen?” “Nou dan!”

Ik verlaat de winkel en betaal maar een fractie van de prijs voor het kussen, waarop mijn keuze was gevallen. Dat voordeel heb je meteen te pakken als de winkelier zijn spullen niet van een prijsje voorziet. Kan evengoed ook in je nadeel zijn bedenk ik me later.

Een jaar later hoor ik van John dat hij de bewuste vrouw weer in de winkel heeft gehad. Wat denk je wat: “Was het een mijnheer geworden!” Ik zeg tegen John:

 

“Wat heb jij op dat briefje geschreven?”

 

 

Einde—