Het is een Groot koning die geen troon nodig heeft

Een anekdote over een thuisfluiter

Wisseling van de wacht

 Tekst: RobD, Uw Gastschrijver.

 Mijn oude kanarie heeft last van zijn poten. Ik ben er al twee keer mee naar de dierendokter geweest. Ik moet de kuiten van de kanarie 3x per dag in zalven. Bovendien beveelt de dierendokter het dragen van steunkousen aan. “Ik?”, piep ik terug. “Nee”, fluit hij mij toe. “Je kanarie man! Je moet er op letten dat het naadloze steunkousen zijn”, roffelt hij terug. “Ook moet je de zitstokken in de kooi vervangen door ovale stokken zodat hij meer steun onder zijn pootjes gaat krijgen. Anders krijgt hij last van likdoorns”. Ik voel de pijn in mijn portemonnee alweer opkomen. Ik mag direct afrekenen. “95,- euro alstublieft”. “Dank u wel”. Ik maak er een fluitend geluid bij. Iemand met een klein inkomen weet hoe weinig dit is. Volgende keer maar weer naar de kanarie fluisteraar bedenk ik me.

Die ronde stokken hebben een verkeerde invloed op zijn zangprestaties gehad. De rek is eruit. Door het scheef zitten, stonden zijn stembanden uit het lood en kwamen de ‘zangfrasen’ er vervormd uit. ’s Morgens vond ik de steunkousen onderin de kooi, die had hij ’s nachts gewoon uitgetrapt.

Mijn dochter beweert dat de dierenarts ‘duur en koekoek’ is. “Nee”, zeg ik. “Hij heeft zich gespecialiseerd in zang kanaries. Bovendien vind ik dat de dierendokter in een fatsoenlijke auto moet rijden. Ook al is dat een Volvo”.

“O, ja?” zegt mijn dochter. “Ik snap het al! Die dierendokter van jou is door de ratten besnuffeld… Koekoek”. Ze wijst op haar voorhoofd. Gebarentaal is altijd al mijn zwakste punt geweest. Als ik een middelvinger opgestoken krijg gebaar ik altijd terug met vijf opgestoken vingers in de veronderstelling dat dit toch veel erger is.

De oude kanarie overleed in de week hierna op de eerbiedwaardige leeftijd van 12 jaar. Ik vond hem ’s morgens met gestrekte pootjes op de bodem van zijn inmiddels gouden kooi. Na de gebruikelijke rituelen verricht te hebben die na het overlijden van een dergelijke kanarie plaatsvinden, zoals de kooi goed schoonmaken; voer en water vervangen, ben ik in gestrekte draf op zoek gegaan naar zijn opvolger. Mijn oude kanarie had zelf niet voor nazaten gezorgd dus heb ik er zelf voor een moeten zorgen. ( Mijn dierendokter is er een. Maar ik ken geen bijpassend popje.) In het tuincentrum zat al een kanarie op me te wachten. “Waar bleef je nou”, piepte hij mij toe. “Ja, ja”, zei ik tegen het vogeltje Tegen de verkoper zei ik: “Zijn overkomst is dringend gewenst”, wijzend op de bewuste kanarie. Ik vroeg hoe oud het vogeltje was. Het ringetje gaf mei 2017 aan. Een half jaar dus. “Dit is de vogel die ik zoek. Ik koop hem!” De verkoper vroeg of ik de vogel zo meenam. Na de nodige onzin grappen werd het diertje in een doosje gezet. Ik vroeg of de verkoper nog interesse had in mijn oude kanarie. Dat had hij niet. “Het sterft hier al van de oude vogels”, zei hij.

“De koning is dood! Leve de koning!”, riep ik toen ik deze prins gevonden had. De caroteen kleurige zangkanarie tufte de ene na de andere ‘toer, kloek en schokkel’ er zo uit. Levendig en strak in zijn veren pak bracht hij een klein concert ten gehore. Wat een toppertje! En dat zonder tussenkomst van een agency, zangvereniging, vogelclub, platenbaas of vogelmakelaar. Direct komt er een naam in me op: “Arie!”.

Aan de vlotte gewenning van dit ‘straatmuzikantje’ leid ik af dat zijn nieuwe verblijf bij ons thuis op orde is. Kanarie-gewijs gezien dan. Als je ook maar enigszins in de buurt van Arie komt dan brengt hij direct zijn hele oeuvre ten gehore. Het lijkt wel een grote schreeuw om aandacht.

Sky, de Mechelse herder, heft af en toe haar poten van haar moede hoofd. Je hoort de hond af en toe zuchten. ‘Dit is toch niet die zielige oude piepert?!’ “Nee Sky, dat is onze nieuwe aanwinst!” De hond pakt zelf al de riem. Tijd om te gaan wandelen. De hond kijkt mij aan met een treurige blik: ‘Kunnen we niet gewoon weer eens een dagje naar het strand?’ ‘Dan mag Arie daar losvliegen!’ Ik vind dat niet zo’n goed idee. Sky weet als geen ander dat Arie gewoon thuis blijft in zijn kooi en dat is dan wel zo ‘rustig’.

Zo, dit waren meer veren dan een dergelijk vogeltje kan dragen. Als hij over een maand of zes voor het eerst in de rui komt dan zal het weer maanden stil zijn.

Maar voorlopig geeft Arie ze van katoen!

Einde

Geef een reactie